Contact

Hoofdgebouw:
Zeislaan
3
4904 VC Oosterhout NB

Telefoon:
0162-437832

Dependance:
Vlinderlaan
2
4904 ZL Oosterhout NB

Telefoon:
0162-425112

E-Mail:  directie@obsdepionier.nl

 

De Pionier

De Visie van de Pionier

Het team van de Pionier heeft enkele jaren geleden de visie opnieuw geformuleerd.  Hier staan we vandaag de dag nog volledig achter!

  • De Pionier is een school, die zich in eerste instantie richt op het kind in relatie tot diens totaalontplooiing. Het werken aan sociaal-emotionele ontwikkeling, het lekker in je vel zitten, is dan ook een speerpunt van de Pionier.
  • Onze school is een onderdeel van de zich ontwikkelende maatschappij (o.a. burgerschap, kinderopvang) waarbij het accent ligt op samen.
  • Middels een positieve benadering zorgen we voor een goed leefklimaat op school, waarbij sociale groepsprocessen een belangrijke rol spelen.
  • De Pionier legt met actueel materiaal koppelingen naar educatieve leeromgevingen, waarbij persoonlijke mogelijkheden en behoeften van het kind, binnen de grenzen van de school vormgegeven kunnen worden.
  • Omdat wij ieder kind even belangrijk vinden, wordt de beschikbare zorg (tijd) zo gelijk mogelijk verdeeld.
  • In het samenspel tussen de thuis- en schoolsituatie kent iedereen op basis van gelijkwaardigheid en respect zijn verantwoordelijkheden (omgangsprotocol).

    

Onderwijskundige uitgangspunten

De overheid wil dat er minder kinderen naar het speciaal onderwijs gaan. Die kostbaarder vorm van onderwijs is thans alleen bestemd voor kinderen die echt niet op een gewone basisschool kunnen zitten. Dat houdt in dat de gewone basisschool moet zorgen dat kinderen met hanteerbare leerproblemen daar terecht kunnen. Dat heet: Weer-Samen-Naar-School-beleid (WSNS). De basisschool schept de voorwaarden voor een goede opvang door in te spelen op de groter wordende verschillen tussen de leerlingen.

Dat kan door onderwijs op maat te bieden.

We werken met een door de leerkracht bepaald minimumprogramma voor elke leerling. Daarnaast zijn er speciale hulpprogramma’s voor kinderen die een leerprobleem hebben en toegesneden verrijkingsprogramma’s voor kinderen die meer aan kunnen, zoals meer- en hoogbegaafden.

De leerkracht moet dan wel tijd hebben voor het begeleiden van individuele leerlingen. Dat kan door de kinderen geleidelijk te leren, taken zelfstandig uit te voeren. Daar hoort bij dat ze bepaalde vorderingen zelf leren bijhouden.

Op de Pionier werken we met een dagprogramma. Dat is in de klas op een bord te vinden. Ook de kleuters werken hiermee. Een dagprogramma biedt structuur en geeft overzichtelijk weer wat de kinderen te wachten staat. In de loop van de jaren krijgen de kinderen meer vrijheid om de volgorde in hun zelfstandige werktaken te bepalen. Wanneer ze klaar zijn met hun verplichte taken, kunnen ze verder met een aantal keuzetaken. Ze behoeven dan niet te wachten tot iedereen klaar is. De materialen hiervoor zijn in de klas of in de werkruimtes aanwezig. Hoewel er per leerjaar ook verschillen zijn, zijn de opzet en de regels in elke groep gelijkwaardig en voor de kinderen herkenbaar.

De leerkracht is gedurende de werktijd van de kinderen beschikbaar voor het begeleiden van een hulpgroepje of voor het bieden van individuele hulp.

Doordat er per kind grote verschillen kunnen zijn in werktempo en capaciteiten, kan het voorkomen dat leerlingen minder en/of ander werk doen of bepaalde lesonderdelen niet of verkort volgen. Daardoor wordt enerzijds voorkomen dat langzamere kinderen werk af moeten maken in tijd die voor andere activiteiten is bestemd. Natuurlijk werken we tegelijk ook aan het opvoeren van het werktempo door het motiveren van de leerling.

Anderzijds zijn er ook kinderen voor wie ‘meer van hetzelfde’ juist niet motiverend is. In overleg met de IB’ers (interne begeleiders) kunnen zij een apart programma met verrijkings- en/of verdiepingsstof krijgen. Uiteraard is dat extra programma niet vrijblijvend en leggen ze ook hierover op gezette tijden verantwoording af aan de leerkracht.

 Het persoonlijke contact met de leerkracht is belangrijk voor alle kinderen:

  •  deze geeft het kind een gevoel van competentie (ik kan de opdracht aan);
  •  deze hecht waarde aan het kind en aan het contact (het maakt uit wat je doet);
  •  deze geeft het kind een gevoel van zelfverantwoordelijkheid en onafhankelijkheid.

 Een ander belangrijk uitgangspunt op de Pionier is het samenwerken. Bij activiteiten die zich daartoe lenen werken kinderen samen. Ook indien ze hulp nodig hebben, is de buurvrouw of buurman in het groepje de eerst aangewezene. Hiertoe hebben we regels opgesteld opdat de kinderen leren elkaar niet te storen. Deze regels hangen zichtbaar in de klas en zijn onderdeel van de omgangsregels.

Door de hier beschreven werkwijze in alle leerjaren toe te passen, hebben we een voor de kinderen duidelijke, herkenbare structuur geschapen. Het zelfstandig werken is hiervan een onmisbaar onderdeel.

Het is tevens een werkhouding waarvan ze in het voortgezet onderwijs en zelfs daarna veel profijt kunnen hebben.

Ook bereiken we hiermee dat de leerkracht tijd heeft om hulp te bieden in de klas. Een groot voordeel is voorts dat de begeleiding zoveel mogelijk in één hand is. We hebben dus geen aparte remedial teacher.
Wel is er een leerkracht, die speciaal is aangesteld voor extra ondersteuning aan alle kinderen. Deze leerkacht heeft een halve baan en die staat onder druk door de bezuinigingen van de regering. De IBér  bewaakt de zorg en stuurt de extra ondersteuning aan.
Buiten schooltijd en buiten school om blijft voor de ouders de mogelijkheid bestaan om betaalde leerhulp (Remedial Teacher) in te huren. Deze externe RT’ er dient zich aan te passen aan de werkwijze en het beleid van de school.

De hierboven omschreven uitgangspunten proberen we als volgt te realiseren:

Voor de meeste leerstofgebieden in de midden- en bovenbouw hanteren we een methode, vaak vastgelegd in een leerboek. Daarnaast gebruiken we werkboekjes. Bij bepaalde vakken, zoals muziek en dansante vorming, is er een werkmap waaruit de leerkracht activiteiten kiest. Dit alles staat per leerjaar uitvoerig omschreven in een Informatieboekje. Deze boekjes zijn te vinden op de website onder het kopje “groepen”.

Voorts zijn er onderwijsleerpakketten die de kinderen zelfstandig verwerken zoals bijvoorbeeld woordenschatoefeningen  en topografie.

Er zijn in elke klas computers die oefen- of toetsstof bieden dan wel een afwisselend programma voor het bevorderen van de algemene ontwikkeling.

In elke groep zijn er belangstellingskernen die verband houden met de tijd van het jaar, een onderwerp uit een van de methoden of met een idee van een kind of van de leerkracht.

Tweemaal per jaar hebben we een schoolproject: één over de kinderboekenweek en één over een (ontwikkelings)land. Vanaf groep 3 zijn er wekelijks drie dagopeningen. Een leerling bespreekt dan een boek of een onderwerp of leidt een spel, een quiz, een toneelstukje of een dansje.

Op vrijdag beantwoorden we samen de vragen uit de vragenbus.

 

Het onderwijs aan kleuters gebeurt door middel van thema’s die zo’n 4 à 5 weken duren. Dit noemen we ontwikkelingsgericht onderwijs. Voor deze theam’s gebruken we de methode Kleuterplein. Tevens schenken we bij de kleuters aandacht aan ontluikende geletterdheid. Dat houdt in dat de leerkracht de kinderen prikkelt met een rijke leeromgeving die uitnodigt om symbolen,  letters en cijfers te gaan gebruiken. De leerkracht ondersteunt de behoefte van een kind dat wil leren lezen en schrijven.
Het open podium, waarop ieder die dat wil iets kan opvoeren, en het doen van gezelschapsspelletjes in de klas op het laatst van de vrijdagmiddag, dragen bij tot het verbeteren van sociale vaardigheden tussen leerlingen onderling en de vertrouwensrelatie met de leerkracht.

De openbare identiteit van de Pionier

Het openbaar onderwijs gaat uit van kinderen met verschillende achtergronden. Onze school is dus toegankelijk voor alle leerlingen, zonder onderscheid naar geslacht, land van herkomst, godsdienst, levensbeschouwing, maatschappelijke opvattingen, inkomen of fysieke mogelijkheden.

De Pionier heeft daarnaast zijn eigen specifieke levensbeschouwelijke kenmerken en uitgangspunten. Leerlingen groeien in deze tijd op in een multiculturele samenleving. Al die culturen hebben hun eigen normen, waarden, godsdiensten en gebruiken. Op de Pionier respecteren we elkaars geloofsopvattingen. Het team heeft vastgelegd hoe we omgaan met religieuze feesten en welke informatie we daarover geven.

Elk jaar behandelen we bovendien een (ontwikkelingsland) in de vorm van een project. Dat houdt in dat alle groepen gedurende een week zich bezig houden met een land waar de cultuur, godsdienst en gebruiken aan de orde worden gesteld. Deze projecten worden afgesloten met een tentoonstelling waarbij de kinderen een en ander aan de ouders en familie presenteren en uitleggen.

In de bovenbouwgroepen speelt het bespreken van de actualiteit een belangrijke rol. We bespreken en bestrijden actief vormen van racisme en discriminatie.

Bij alle gebeurtenissen die te maken hebben met conflicten of oorlogen met een godsdienstige achtergrond, benadrukken we altijd dat er meerdere kanten aan het verhaal zitten. We proberen kinderen ook zich een mening te leren vormen over een bepaalde situatie. Kinderen leren zo naast hun eigen opvatting respect te hebben voor andermans ideeën.

We streven er naar om kinderen zich bewust te laten worden van en inzicht te krijgen in hun eigen vooroordelen. En hopen van daaruit op te voeden tot solidariteit en betrokkenheid. De slogan van het openbaar onderwijs is niet voor niets “Niet apart maar samen”. Ook streven we ernaar de traditionele rolpatronen zoveel mogelijk te doorbreken. Huishoudelijke taken worden in gelijke mate verdeeld over jongens en meisjes. Bij de aanschaf van jeugdliteratuur letten we er op dat boeken niet rolbevestigend zijn. Vanaf groep 5 werken we met de methode Naut. Naut staat voor natuur en techniek. Eén keer per jaar wordt er in overleg met de medezeggenschapsraad en de ouderraad gekozen voor een goed doel waar dan op een creatieve vorm geld voor wordt ingezameld. Dit kan zijn voor een natuurramp zoals in Honduras, voor het werk van de clinic-clowns, voor het Ronald MacDonaldhuis etc.

We proberen kinderen het inzicht bij te brengen dat maatschappelijke, historische, etnische en religieuze achtergronden grote invloed hebben op het gedrag van de mens. Pas als ze dat inzicht hebben zullen kinderen een open instelling ontwikkelen ten opzichte van de ander en zal de angst voor het onbekende met als mogelijk gevolg onverdraagzaamheid, verminderen.

Er staat het onderwijs nog een grotere uitdaging te wachten, nl het zogenaamde “Passend Onderwijs”. Het is nog onzeker wanneer dit beleid door de overheid echt ingevoerd gaat worden maar dat het er aankomt is zeker. Scholen binnen een bepaald samenwerkingsverband zullen voor alle kinderen, ook die leerlingen met een speciale onderwijsbehoefte, een passende onderwijsvorm moeten aanbieden.